WRM 52: Lesplan maken

De cursus: WRM 52 Lesplan maken

De WRM bijscholingscursus ‘Lesplan maken’ is geldig voor zowel WRM- als RIS rijinstructeurs.

De cursus WRM 52 cursus telt mee als 2 dagdelen voor de theoretische bijscholing. Bij ons kun je deze cursus op één dag volgen(meestal op zaterdag) of verdeeld over twee avonden door de week.

prijs € 150 voor 2 dagdelen

• Inclusief studiemateriaal, schrijfblok en pen
• Inclusief consumpties en lunch
• Inclusief certificaat van deelname
• Excl. IBKI bijdrage van € 20
• Gratis parkeren
• De cursus is vrijgesteld van BTW
• Te volgen bij onze eigen locatie in Nieuwegein (of op verzoek op andere plekken in Nederland).

Cursus inhoud WRM 52: Lesplan maken

Ter voorbereiding van de verplichte praktijkbegeleiding maken veel rijinstructeurs hun eigen (RIS) lesplan. Deze lesplannen verschillen vaak van opmaak, inhoud en kwaliteit. Een lesplan is persoonlijk en is afhankelijk van de leerling kenmerken. Het lesplan is bedoeld om jou als rijinstructeur vooraf te laten nadenken over je persoonlijke aanpak van een bepaalde leerling. Hoe beter je lesplan voor elke leerling is, des te groter de kans dat die leerling slaagt voor zijn of haar examen!

In deze cursus wordt de theorie achter het lesplan uitgelegd. We leggen je uit welke inhoud het ideale lesplan heeft. Aan de hand van een casus ga je ook zelf een lesplan maken. Deze lesplannen worden klassikaal besproken en getoetst aan de normen. Zo weet je zeker dat je voor je eigen leerlingen een perfect lesplan kunt maken. Je lesplan kan ook gebruikt worden bij de verplichte praktische bijscholing bij het IBKI. Naast de verplichte leerdoelen behandel ik ook de drie hoofdlijnen die essentieel zijn bij het les geven; hoe leren mensen, waarom leren mensen en hoe blijft het geleerde bestaan.

Leerdoelen WRM 52: Lesplan maken

1. De instructeur kan de noodzaak van een goed lesplan verklaren.
2. De instructeur kan het verschil aangeven tussen een handelingsrijles en een verkeersdeelnamerijles.
3. De instructeur kan aangeven wat het essentiële verschil is tussen een meting vorige les en controle aanvangsniveau.
4. De instructeur kan de opbouw van een (RIS) lesplan uitleggen m.b.v.:
a. WAT doet een rijinstructeur tijdens de INLEIDING | KERN | AFRONDING?
b. HOE doet een rijinstructeur dat tijdens de INLEIDING | KERN | AFRONDING?
c. WAAROM doet een rijinstructeur dat op die manier tijdens de INLEIDING | KERN | AFRONDING?
5. De instructeur kan aangeven welke aspecten hij verwerkt in een lesplan m.b.t. leerling kenmerken \ Rijprocedure \ verkeersborden | verkeersregels | lesroute | handelingsanalyse | situatietekeningen | verkeerstaak | verkeersinzicht.
6. De instructeur kan een lesplan samenstellen aan de hand van een casus.
7. Vormingsdoel: de instructeur ziet de noodzaak van een goede lesvoorbereiding door middel van lesplannen in.

Dit levert het je op:

– 2 dagdelen theoretische WRM-bijscholing
– Je leert betere lesplannen te maken voor elke individuele leerling. Hoe beter je lesplan voor elke leerling is, des te groter de kans dat jouw leerling het lesonderdeel sneller zelfstandig zal reproduceren!